ECLI:NL:RBZLY:2008:BK3418
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling en specificatie van advocaatfacturen bij beëindigde opdracht
De zaak betreft een geschil tussen een voormalig cliënt en zijn ex-advocaat over de betaling van facturen voor verleende juridische diensten. De cliënt betwistte niet de hoogte van de facturen, maar stelde dat deze onvoldoende inzichtelijk en onleesbaar waren. De rechtbank oordeelde dat de facturen voldoende gespecificeerd waren en dat de cliënt zijn bezwaren niet voldoende had onderbouwd.
De advocaat had werkzaamheden verricht in verband met de afwikkeling van een erfenis en een andere zaak, en had na aanvang van de werkzaamheden tijdelijk afgezien van betaling. De cliënt had een nieuwe advocaat ingeschakeld en weigerde betaling totdat gelden uit depot werden vrijgegeven. De deken van de Orde van Advocaten had de cliënt verzocht zijn bezwaren concreet te maken, wat niet is gebeurd.
De rechtbank stelde vast dat de rechtbank bevoegd was omdat de hoogte van de declaraties niet werd betwist, maar slechts de specificatie. De stellingen van de cliënt over onduidelijkheid werden verworpen, mede omdat eerdere facturen zonder protest waren geaccepteerd. Ook het verweer dat de advocaat tekort was geschoten werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De rechtbank veroordeelde de cliënt tot betaling van het openstaande bedrag, vermeerderd met wettelijke rente, en wees de tegenvordering af.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de cliënt tot betaling van de facturen van de ex-advocaat, inclusief wettelijke rente en proceskosten, en wijst de tegenvordering af.