ECLI:NL:RBZLY:2009:BH7726
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Kennelijk onredelijk ontslag wegens ontbreken afvloeiingsregeling ondanks dividenduitkeringen
De werknemer werd per 1 april 2008 ontslagen door de werkgever, een dochteronderneming van een concern, met toestemming van het CWI vanwege bedrijfseconomische omstandigheden. De werknemer, 55 jaar oud met een beperkt opleidingsniveau en een eenzijdig arbeidsverleden, stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was omdat hij geen afvloeiingsregeling ontving en weinig kans had op de arbeidsmarkt.
De werkgever voerde aan dat financiële problemen en bedrijfseconomische druk het aanbieden van een afvloeiingsregeling onmogelijk maakten. Echter, uit de geconsolideerde jaarstukken bleek dat in 2006 en 2007 aanzienlijke dividenduitkeringen waren gedaan aan de moedermaatschappij, wat de financiële situatie van de werkgever minder ernstig deed lijken dan gesteld.
De kantonrechter oordeelde dat de werkgever onzorgvuldig had gehandeld door geen reservering te maken voor afvloeiende werknemers en toch dividend uit te keren, waardoor het ontbreken van een afvloeiingsregeling het ontslag kennelijk onredelijk maakte. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van € 25.000, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de ontslagdatum.
Uitkomst: Werkgever moet werknemer €25.000 schadevergoeding betalen wegens kennelijk onredelijk ontslag zonder afvloeiingsregeling.