ECLI:NL:RBZLY:2009:BI2400
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering nakoming koopovereenkomst onroerend goed wegens opschortende voorwaarden
In deze zaak vordert eiser [A] nakoming van een koopovereenkomst van 13 augustus 2008 betreffende een pand te [woonplaats], gesloten met IPMMC c.s. Eiser stelt dat de overeenkomst onvoorwaardelijk is geworden, terwijl gedaagden betogen dat sprake is van opschortende voorwaarden die niet zijn vervuld.
De rechtbank stelt vast dat de koopovereenkomst onder voorbehoud van goedkeuring door de directie van IPMMC is gesloten, een voorbehoud dat niet is vervuld. Ook is niet voldaan aan de due diligence-voorwaarde. De statutaire beperking van vertegenwoordigingsbevoegdheid van IPMMC Projecten en de gezamenlijke ondertekening door IPMMC c.s. maken dat geen onvoorwaardelijke overeenkomst is ontstaan.
De rechtbank oordeelt dat de overeenkomst moet worden gezien als een optieovereenkomst waarbij pas na goedkeuring een onvoorwaardelijke overeenkomst tot stand komt. Omdat de directie geen goedkeuring heeft gegeven, is geen onvoorwaardelijke koopovereenkomst ontstaan.
De vordering van [A] wordt daarom afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten. Tevens worden de conservatoire beslagen opgeheven die IPMMC c.s. heeft gevorderd, omdat het beslag ondeugdelijk is gebleken.
Uitkomst: De vordering tot nakoming van de koopovereenkomst wordt afgewezen wegens niet-vervulling van opschortende voorwaarden.