ECLI:NL:RBZLY:2009:BI6124
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep curator op onrechtmatige betaling aan bank voorafgaand aan faillissement chaletpark
De curator in het faillissement van een exploitant van een chaletpark vorderde van de bank betaling van de koopsom die direct aan de bank was overgemaakt bij de verkoop van het park vlak voor het faillissement. Hij stelde dat de bank onrechtmatig handelde door de koopsom te incasseren zonder opdracht van de failliet en dat dit in strijd was met artikel 54 en Pro 47 van de Faillissementswet. De curator stelde dat de bank zich door deze handeling debiteur had gemaakt en dat er sprake was van samenspanning om de bank boven andere schuldeisers te bevoordelen.
De bank voerde verweer dat er geen sprake was van verrekening maar van betaling met stilzwijgende instemming van de failliet. De bank had een hypotheekrecht en recht op de opbrengst van de verkoop, en de curator had onvoldoende gesteld om samenspanning aan te tonen. De rechtbank oordeelde dat de failliet stilzwijgend had ingestemd met de betaling aan de bank, dat artikel 54 Faillissementswet Pro daardoor niet van toepassing was en dat er geen bewijs was voor samenspanning zoals vereist voor artikel 47 Faillissementswet Pro.
Ook het beroep op onrechtmatige daad faalde omdat de bank niet onrechtmatig had gehandeld en de curator onvoldoende feiten had gesteld. De rechtbank wees de vorderingen af en veroordeelde de curator in de proceskosten. Het vonnis werd gewezen door drie rechters en op 8 april 2009 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de curator af en veroordeelt hem in de proceskosten.