ECLI:NL:RBZLY:2009:BI8399
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- J. van der Hulst
- Rechtspraak.nl
Opzegging samenwerkingsovereenkomst in strijd met redelijkheid en billijkheid
De zaak betreft een geschil tussen [A], een garagebedrijf, en [B] c.s., handelaren in nieuwe en gebruikte auto's, over een samenwerkingsovereenkomst van 4 april 2007. Deze overeenkomst beoogde een duurzaam samenwerkingsverband waarbij [A] service- en garantiewerkzaamheden zou uitvoeren voor auto's verkocht door [B].
In maart 2009 gaf [B] aan de samenwerking te willen beëindigen, waarna zij per 6 april 2009 stopte met het aanbieden van werkzaamheden aan [A]. [A] stelde dat geen opzeggingsbevoegdheid was overeengekomen en dat de opzegging onredelijk was, mede gezien de aanzienlijke investeringen en omzetafhankelijkheid.
De rechtbank oordeelde dat de opzegging niet gerechtvaardigd was op grond van redelijkheid en billijkheid, omdat [B] haar stelling van ondermaatse kwaliteit onvoldoende onderbouwde en de verstoring van de samenwerking door haarzelf was veroorzaakt. De vordering tot nakoming van de overeenkomst en betaling van openstaande facturen werd toegewezen. De vordering tot medewerking aan onderhuur werd afgewezen wegens onvoldoende overeenstemming over voorwaarden.
Tot slot werd [B] veroordeeld tot betaling van een voorschot op schadevergoeding, incassokosten en proceskosten, met een dwangsom bij niet-nakoming. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De opzegging door [B] is onrechtmatig en [B] wordt veroordeeld tot nakoming van de samenwerkingsovereenkomst en betaling van openstaande facturen en voorschot schadevergoeding.