ECLI:NL:RBZLY:2009:BI9738
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. van der Hulst
- Rechtspraak.nl
Betaling en uitleg vaststellingsovereenkomst bij bouwfraudeboete
De zaak betreft een geschil over de verdeling van een door de Nederlandse Mededingingsautoriteit opgelegde boete van EUR 324.804,-- aan Bouwbedrijf [A] en de betrokken vennootschappen na juridische splitsingen. Eiseres vordert betaling van een bedrag van EUR 187.555,83 van gedaagde sub 1 c.s., gebaseerd op een vaststellingsovereenkomst tussen partijen.
De kern van het geschil is de uitleg van de vaststellingsovereenkomst, met name of de buitencontractuele boete onder de vrijwaringsbepaling valt. De rechtbank stelt dat de taalkundige en contextuele uitleg van de overeenkomst, mede gelet op de professionele aard van partijen en notariële vastlegging, een ruime interpretatie van 'boetes' vereist, inclusief de NMa-boete.
Gedaagde sub 1 c.s. betoogt dat de vrijwaring slechts contractuele aansprakelijkheden betreft en dat de bepaling strijdig is met redelijkheid, billijkheid en goede zeden. De rechtbank verwerpt deze verweren, onder meer omdat eiseres sinds 1 januari 2002 geen bemoeienis meer had met Bouwbedrijf [A] en partijen hun financiële banden wilden beëindigen.
De rechtbank veroordeelt gedaagde sub 1 c.s. hoofdelijk tot betaling van EUR 177.139,19 plus rente en buitengerechtelijke incassokosten aan eiseres, en wijst het meer of anders gevorderde af.
Uitkomst: Gedaagde sub 1 c.s. wordt hoofdelijk veroordeeld tot betaling van EUR 177.139,19 plus rente en kosten aan eiseres.