ECLI:NL:RBZLY:2009:BJ3583
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A. Pot
- L.G. Wijma
- G.E.A. Neppelenbroek
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en voorwaardelijke straf voor ontuchtige handelingen met minderjarige
Op 25 september 2008 heeft verdachte, een man van bijna zeventig jaar, ontuchtige handelingen gepleegd met een dertienjarig meisje, waaronder het vastpakken, aanraken van blote lichaamsdelen, trekken aan kleding en een zoen op de mond. Het slachtoffer vertelde thuis huilend over de gebeurtenissen. De rechtbank achtte deze gedragingen wettig en overtuigend bewezen en kwalificeerde deze als ontuchtig in de zin van artikel 247 Sr Pro.
De verdediging voerde aan dat verdachte geen seksuele intentie had en de gedragingen niet doelbewust waren, maar de rechtbank oordeelde dat de handelingen in onderlinge samenhang moesten worden beoordeeld en dat het ontuchtige karakter aanwezig was. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
De rechtbank nam een psychologisch rapport in overweging waaruit bleek dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is. Gezien de ernst van het feit en het recidiverisico legde de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden op met een proeftijd van zes jaar, inclusief verplichte reclasseringsbegeleiding en een behandeling bij De Waag gedurende het eerste jaar. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €300 aan het slachtoffer.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vijf maanden voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd van zes jaar en betaling van schadevergoeding aan het slachtoffer.