ECLI:NL:RBZLY:2009:BK0531
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W. Miltenburg
- Rechtspraak.nl
Ondertoezichtstelling minderjarige wegens haperende gezagsinvulling door ouders
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de rechtbank om een minderjarige, geboren in 1992, onder toezicht te stellen vanwege haperende gezagsinvulling door de ouders. De minderjarige verblijft bij zijn broer en zus en heeft zelf ingestemd met het verzoek. De ouders, die het gezag dragen, maken bezwaar en stellen dat er geen ernstige bedreiging is voor de belangen of gezondheid van de minderjarige.
De kinderrechter nam kennis van een rapport van de Raad en constateerde dat de ouders niet in staat of bereid zijn hun verzorgings- en opvoedingsverplichting naar behoren uit te voeren. Dit ondanks het feit dat de vader door een strafrechterlijk contactverbod beperkt is in contact met de minderjarige en de moeder zich feitelijk aansluit bij de vader. De communicatie tussen ouders en kind is vrijwel afwezig, wat de geestelijke en zedelijke belangen van de minderjarige ernstig bedreigt.
De kinderrechter oordeelde dat de ouders vanuit hun geloofsovertuiging handelen, maar dat de minderjarige deze niet deelt en ruimte nodig heeft voor eigen identiteit. Vrijwillige hulp is onvoldoende op gang gekomen en herstel van de communicatie zonder hulp wordt niet verwacht. Daarom werd de ondertoezichtstelling toegewezen tot de meerderjarigheid van de minderjarige op 3 maart 2010, met Bureau Jeugdzorg Overijssel als gezinsvoogdijinstelling.
Uitkomst: De minderjarige wordt onder toezicht gesteld tot zijn meerderjarigheid vanwege onvoldoende invulling van het ouderlijk gezag door de ouders.