ECLI:NL:RBZLY:2009:BK5893
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Loonvordering en nietigheid all-in-loonafspraak met afkoop vakantiedagen
De zaak betreft een loonvordering van een COBOL-programmeur tegen zijn werkgever, waarbij hij betaling eist van salaris over maart 2008, vergoeding van resterende overuren en niet-genoten vakantiedagen. De arbeidsovereenkomst bevatte een all-in-loonafspraak waarin vakantiedagen waren afgekocht, hetgeen in strijd is met dwingendrechtelijke bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek en Europese richtlijnen.
De werknemer heeft de vernietigbaarheid van deze all-in-afspraak ingeroepen, maar pas na beëindiging van het dienstverband. De rechtbank oordeelt dat de vernietiging terugwerkende kracht heeft, waardoor de werkgever onverschuldigd heeft betaald en de werknemer een deel daarvan moet terugbetalen. De werknemer had tijdens het dienstverband ook vrije uren opgenomen en overuren gemaakt, die door de werkgever zijn erkend.
De rechtbank stelt het correcte bruto uurloon vast zonder afkoop vakantiedagen en berekent de aanspraken van de werknemer op achterstallig salaris en vergoeding van overuren. De vordering tot uitbetaling van niet-genoten vakantiedagen wordt afgewezen omdat de werknemer reeds recht heeft op uitbetaling conform wettelijke regeling. Daarnaast wordt een wettelijke verhoging toegekend wegens vertraging en een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten gedeeltelijk toegewezen.
De werkgever wordt veroordeeld tot betaling van €7.476,30 bruto aan achterstallig salaris, €5.510,31 bruto aan overuren, een wettelijke verhoging van €2.500,00 en €801,62 aan buitengerechtelijke kosten, vermeerderd met wettelijke rente. Tevens worden de proceskosten aan de zijde van de werknemer toegewezen.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, overuren, wettelijke verhoging en buitengerechtelijke kosten.