ECLI:NL:RBZLY:2009:BK6793
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.P. Lunter
- G.H. Meijer
- J.P.C. Obbink
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging zware mishandeling, veroordeling voor mishandeling partner met letsel
Op 23 april 2009 is verdachte aangehouden na aangifte van poging zware mishandeling door zijn partner. De rechtbank oordeelt dat het primair ten laste gelegde, de poging tot zware mishandeling, onvoldoende wettig en overtuigend is bewezen. Hoewel verdachte heeft toegegeven een trap tegen het been van het slachtoffer te hebben gegeven, acht de rechtbank dit niet voldoende voor het aannemen van opzet op zwaar lichamelijk letsel.
De rechtbank verklaart echter het subsidiair ten laste gelegde, namelijk mishandeling met letsel, wel wettig en overtuigend bewezen. De trap heeft ertoe geleid dat het slachtoffer ten val kwam en letsel en pijn heeft ondervonden. Verdachte wordt daarom veroordeeld voor mishandeling.
Bij de strafoplegging weegt de rechtbank mee dat het slachtoffer de partner van verdachte is en mishandeling in de eigen woning plaatsvond, wat de ernst van het feit vergroot. Verdachte vertoont agressieregulatieproblemen en middelenmisbruik, maar weigert behandeling. De rechtbank legt een gevangenisstraf van vier weken op, waarvan twee weken voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
De voorlopige hechtenis wordt opgeheven en de tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht op de straf. Verdachte wordt vrijgesproken van het primair ten laste gelegde en van het subsidiair meer of anders ten laste gelegde.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van poging zware mishandeling maar veroordeeld voor mishandeling met letsel en krijgt vier weken gevangenisstraf, waarvan twee weken voorwaardelijk.