ECLI:NL:RBZLY:2009:BK9062
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot ondertekening en ingebruikname huurovereenkomst winkelruimte
In deze zaak stond centraal of tussen partijen een bindende huurovereenkomst tot stand was gekomen of slechts een intentieovereenkomst. De verhuurster had een definitieve huurbevestiging opgesteld en door de huurder laten ondertekenen, waarin alle essentiële voorwaarden waren opgenomen. De huurder weigerde echter de huurovereenkomst te ondertekenen en de winkelruimte in gebruik te nemen.
De kantonrechter oordeelde dat de huurbevestiging voldoende concreet en bindend was en dat het uitblijven van een formele ROZ-huurovereenkomst geen afbreuk deed aan het bestaan van de overeenkomst. Ook het tijdsverloop en onderhandelingen met andere partijen leidden niet tot rechtsverwerking.
De kantonrechter gebiedt de huurder binnen twee weken de huurovereenkomst te ondertekenen en de winkelruimte daadwerkelijk te betrekken, onder dreiging van dwangsommen. De vordering van de verhuurster wordt daarmee toegewezen, het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De huurder wordt verplicht binnen twee weken de huurovereenkomst te ondertekenen en de winkelruimte daadwerkelijk te betrekken, onder dreiging van dwangsommen.