ECLI:NL:RBZLY:2009:BL6130
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt over bevoegdheid rechtbank bij opgeheven arbitrageclausule Landbouwschap
In deze civiele zaak vorderen eisers betaling van openstaande facturen van gedaagde. In de overeenkomst was een arbitrageclausule opgenomen die het Landbouwschap als arbiter aanstelde. De rechtbank had zich in een eerder vonnis van 7 december 2005 onbevoegd verklaard vanwege deze clausule.
Later bleek dat het Landbouwschap al in 2002 was opgeheven, waardoor de arbitrageclausule feitelijk niet meer toepasbaar was. Eisers startten daarop een nieuwe procedure bij de rechtbank, waarbij gedaagde opnieuw een beroep deed op onbevoegdheid. De rechtbank oordeelde dat het feit van de opheffing destijds niet bekend was bij partijen noch de rechtbank, en dat gedaagde misbruik van procesrecht maakte door dit feit achter te houden.
De rechtbank verwierp het beroep op onbevoegdheid en het verweer van misbruik van procesrecht door eisers, en veroordeelde gedaagde in de proceskosten. De zaak werd verwezen naar de rol voor verdere behandeling van de hoofdzaak.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich bevoegd en wijst het beroep op onbevoegdheid af wegens onbekendheid met de opheffing van het Landbouwschap ten tijde van het eerdere vonnis.