ECLI:NL:RBZLY:2010:BL0237
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering intrekking toelating woningstichting als instelling in belang volkshuisvesting
Woningstichting De Veste verzocht de minister om intrekking van haar toelating als instelling uitsluitend werkzaam in het belang van de volkshuisvesting. De minister wees dit verzoek af, waarna De Veste bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank stelde vast bevoegd te zijn om kennis te nemen van het beroep, aangezien de intrekking niet op de in de Woningwet genoemde gronden werd verzocht. De minister heeft de beoordelingsvrijheid om een voordracht tot intrekking te weigeren, mede vanwege de solidariteitsgedachte binnen het bestel en het belang van effectief publiekrechtelijk toezicht.
De rechtbank oordeelde dat de toelating niet louter een begunstigende beschikking is, maar ook verplichtingen met zich meebrengt. De weigering om de intrekking te honoreren vormt geen ontneming van eigendom in de zin van het EVRM, maar een regulering van eigendom waarbij een fair balance is gevonden.
De procedure was in overeenstemming met artikel 6 EVRM Pro. Het beroep werd ongegrond verklaard en de kosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de weigering van de minister om de toelating van de woningstichting in te trekken.