ECLI:NL:RBZLY:2010:BL6912
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gemeente handelt niet onrechtmatig bij handhaving bestemmingsplan tegen opvolgende eigenaar schuur
Eiser Schutte kocht een schuur met het voornemen daarin te gaan wonen, wat in strijd was met het bestemmingsplan. De gemeente stelde een dwangsomaanschrijving op om het gebruik te staken. Schutte verkocht de schuur aan een derde, die de schuur recreatief of permanent ging bewonen. Schutte stelde dat de gemeente onrechtmatig handelde door niet tegen deze derde op te treden.
De rechtbank oordeelde dat de gemeente niet onrechtmatig had gehandeld jegens Schutte. Er was geen schending van het vertrouwensbeginsel, omdat Schutte onvoldoende had onderbouwd dat hij erop mocht vertrouwen dat de gemeente hetzelfde handhavingsbeleid zou voeren jegens opvolgende eigenaren. Ook was er geen sprake van schending van het gelijkheidsbeginsel, omdat geen ongelijke behandeling kon worden vastgesteld.
De rechtbank benadrukte dat de vraag of de gemeente jegens de derde moet handhaven exclusief aan de bestuursrechter toekomt en dat Schutte niet als belanghebbende kon optreden in die bestuursrechtelijke procedure. Het gebrek aan causaal verband tussen het handelen van de gemeente en de door Schutte gestelde schade leidde tot afwijzing van de vordering.
Schutte werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd gewezen door mr. I.F. Clement en uitgesproken op 17 februari 2010.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van Schutte af en veroordeelt hem in de proceskosten.