ECLI:NL:RBZLY:2010:BN0419
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke brandstichting met gemeen gevaar voor goederen in woning
Op 19 februari 2010 stichtte verdachte in zijn kamer in een woning te Zwolle opzettelijk brand door spiritus over zijn bed te gieten en dit met een aansteker aan te steken. De brand veroorzaakte schade aan zijn bed, dekbed en andere spullen, waarbij sprake was van gemeen gevaar voor goederen in de woning en het woningblok.
De rechtbank oordeelde dat het bewezen was dat verdachte de brandstichting pleegde, maar dat levensgevaar voor personen niet wettig en overtuigend was aangetoond. Verdachte werd vrijgesproken van het deel van de tenlastelegging dat betrekking had op levensgevaar.
De rechtbank hield rekening met de beperkte materiële schade, het feit dat verdachte direct probeerde de brand te blussen en hulpdiensten inschakelde, en met zijn verminderd toerekeningsvatbare persoonlijkheidsstoornis. Daarom werd een gevangenisstraf van 4 weken onvoorwaardelijk opgelegd, met aftrek van voorarrest, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden gekoppeld aan behandeling en begeleiding.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van € 3.000 aan de benadeelde partij, met een regeling dat betaling aan de Staat dit bedrag vervangt en vice versa. De benadeelde partij werd deels niet-ontvankelijk verklaard voor een hoger gevorderd bedrag, dat bij de burgerlijke rechter moet worden aangebracht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 4 weken onvoorwaardelijke gevangenisstraf en 2 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf met bijzondere voorwaarden wegens opzettelijke brandstichting met gemeen gevaar voor goederen.