ECLI:NL:RBZLY:2010:BN3675
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding begrafeniskosten uit quasi-legaat levensverzekeringsuitkeringen
De rechtbank Zwolle-Lelystad behandelde een zaak waarin eiseres vergoeding vorderde van de begrafeniskosten van haar overleden partner, met wie zij een samenlevingscontract had. De erfgenamen, bestaande uit ouders, broer en zus van de overledene, hadden de nalatenschap beneficiair aanvaard en stelden dat de nalatenschap geen activa bevatte. Echter, zij ontvingen uitkeringen uit levensverzekeringen waarvan zij begunstigden waren.
De kernvraag was of deze uitkeringen, die niet tot de nalatenschap behoren, toch konden worden aangemerkt als quasi-legaten en daarmee konden worden aangesproken voor de begrafeniskosten. De rechtbank kwalificeerde de uitkeringen als giften en dus als quasi-legaten op grond van artikel 4:126 lid 2 BW Pro, waardoor zij voorrang genieten ten opzichte van andere erfrechtelijke schuldeisers.
De rechtbank oordeelde dat de begrafeniskosten als schulden van de nalatenschap voorrang hebben en dat de uitkeringen aan de erfgenamen verminderd moeten worden ten gunste van de kosten van lijkbezorging. De vordering van eiseres werd daarom toegewezen, inclusief wettelijke rente en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De erfgenamen worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van begrafeniskosten en wettelijke rente, met inachtneming van de quasi-legaat kwalificatie van levensverzekeringsuitkeringen.