ECLI:NL:RBZLY:2010:BN4367
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs ontuchtige handelingen jegens minderjarig meisje
De verdachte werd beschuldigd van het plegen van ontuchtige handelingen jegens een vijfjarig meisje in Zwolle, waaronder het betasten en strelen van het slachtoffer. Getuigen verklaarden dat verdachte het meisje bij haar handen, heupen en benen vastpakte, maar ontkenden het zien van ontuchtige handelingen. De verdachte bekende contact te hebben gehad en het meisje te hebben vastgepakt, maar ontkende seksuele handelingen.
De rechtbank oordeelde dat het vastpakken bij de heupen en benen geen ontuchtige handelingen zijn en dat de beschuldigingen van betasten van het kruis en strelen van het bovenlichaam niet door andere bewijzen werden ondersteund. Het maken van excuses door verdachte werd niet als bewijs van schuld gezien.
De verklaring van het slachtoffer ontbrak omdat de ouders geen toestemming gaven voor een speciaal verhoor. De rechtbank concludeerde dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen en sprak verdachte vrij.
De zaak illustreert het belang van voldoende bewijs en het ontbreken van een slachtofferverklaring in zaken met jonge kinderen. De rechtbank weegt verklaringen van getuigen en verdachte zorgvuldig af en benadrukt dat excuses niet automatisch schuld impliceren.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van ontuchtige handelingen.