ECLI:NL:RBZLY:2010:BN4486
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- L.E.C. van Rijckevorsel-Besier
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging last onder dwangsom wegens onduidelijke eigendomssituatie en willekeur
De rechtbank Zwolle-Lelystad behandelde het beroep tegen een last onder dwangsom opgelegd aan de Erven voor het gebruik van een perceel in strijd met het bestemmingsplan. De dwangsom was vastgesteld op €10.000 per week met een maximum van €100.000 en een begunstigingstermijn van zes maanden. De Erven maakten bezwaar, waarna het college het bezwaar ongegrond verklaarde.
Tijdens de procedure bleek onduidelijk wie precies tot de Erven behoorden en wie juridisch eigenaar was van het perceel. De oorspronkelijke eigenaar was overleden, waarna de weduwe als enig erfgenaam werd aangemerkt, maar later had een zoon het perceel gekocht. De dwangsom was echter aan de Erven opgelegd, terwijl de feitelijke gebruiker en eigenaar niet was betrokken.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het opleggen van de dwangsom aan de Erven zonder duidelijke identificatie en zonder rekening te houden met de actuele eigendomssituatie willekeurig was en in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel en het verbod van willekeur. Daarom werd het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de juiste eigendomssituatie. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen en verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot oplegging van een last onder dwangsom aan de Erven wordt vernietigd wegens willekeur en onduidelijke eigendomssituatie.