ECLI:NL:RBZLY:2010:BN8677
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- J. van der Hulst
- Rechtspraak.nl
Vordering tot staken bouwwerkzaamheden wegens onrechtmatige hinder ondanks bouwvergunning
Eisers, buren van gedaagden, vorderen in kort geding dat gedaagden de bouwwerkzaamheden aan hun woning staken vanwege onrechtmatige hinder. De bouwwerkzaamheden betreffen een uitbouw die de lichtinval, luchttoevoer en het uitzicht van eisers aanzienlijk beperkt, wat hun woongenot en mogelijk de waarde van hun woning schaadt.
Gedaagden beriepen zich op de formele rechtskracht van de verleende bouwvergunning, inclusief ontheffing van het bestemmingsplan, en betoogden dat de hinder niet ernstig genoeg is. De voorzieningenrechter oordeelt dat een bouwvergunning met ontheffing niet vrijwaart van civielrechtelijke aansprakelijkheid voor onrechtmatige hinder.
Ter plaatse is vastgesteld dat de uitbouw een hoge blinde muur betreft die het licht en uitzicht aanzienlijk belemmert. De hinder is van voldoende ernst en duur om onrechtmatig te zijn. De vordering tot staken van de bouwwerkzaamheden wordt toegewezen, maar de gevorderde afbraak wordt afgewezen wegens de verstrekkende aard van die maatregel in kort geding.
Gedaagden worden veroordeeld tot staking van de werkzaamheden en betaling van een dwangsom bij niet-naleving, alsmede in de proceskosten van eisers.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot staking van de bouwwerkzaamheden wegens onrechtmatige hinder, met oplegging van een dwangsom en proceskostenveroordeling.