ECLI:NL:RBZLY:2010:BO9093
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M. Zomer
- Rechtspraak.nl
Rechter wijst verzoek tot onderhandse verkoop af en bepaalt openbare verkoop onroerende zaak in Hardenberg
De zaak betreft een verzoek van ING Bank N.V. om verlof te verkrijgen voor de onderhandse verkoop van een woonhuis met erf en toebehoren gelegen aan een adres te Hardenberg. De onroerende zaak ligt binnen het gebied waar de gemeente Hardenberg een bedrijventerrein wil realiseren, en de Wet voorkeursrecht gemeenten is van toepassing.
Er was een koopovereenkomst met de gemeente Hardenberg voor EUR 330.000, maar een eerder hoger bod van EUR 480.000 door de gemeente werd ingetrokken. De woning verkeert in zeer slechte staat en staat al jaren leeg. Een taxatierapport gaf een onderhandse verkoopwaarde van EUR 365.000 en een executiewaarde van EUR 270.000, waarbij de slechte onderhoudstoestand zwaar meewoog.
De rechtbank oordeelt dat de waarde van de onroerende zaak mede bepaald moet worden door de toekomstige plannen van de gemeente voor het bedrijventerrein, waardoor de onderhoudstoestand minder relevant is. Gezien de verwachting dat een openbare verkoop een hogere opbrengst zal opleveren, wijst de voorzieningenrechter het verzoek tot onderhandse verkoop af en bepaalt een openbare verkoop op 2 februari 2011.
De beslissing is genomen na overleg en het overleggen van stukken, waarbij ook de curator in het faillissement van een betrokken vennootschap is gehoord. De uitspraak is gedaan door mr. M. Zomer en in het openbaar uitgesproken op 23 december 2010.
Uitkomst: Het verzoek tot onderhandse verkoop wordt afgewezen en de openbare verkoop wordt bepaald op 2 februari 2011.