ECLI:NL:RBZLY:2011:BQ3874
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.H. Meijer
- L.P. de Haas
- W.F. Roelink
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak moeder wegens ontbreken overtuigend bewijs shaken baby syndroom met dodelijke afloop
De rechtbank Zwolle-Lelystad heeft op 10 mei 2011 uitspraak gedaan in een zaak waarin verdachte werd verdacht van het opzettelijk toebrengen van zwaar lichamelijk letsel aan haar kind, resulterend in overlijden door het shaken baby syndroom.
De tenlastelegging omvatte verschillende alternatieven, waaronder opzettelijk schudden, laten vallen of nalatigheid in medische zorg. Deskundigen stelden vast dat het hersenletsel veroorzaakt werd door menselijk handelen, vermoedelijk door schudden, maar konden niet bepalen wie dit had verricht.
De verdediging voerde aan dat het bewijs onvoldoende was om verdachte als dader aan te merken en dat het causale verband tussen haar handelen en het overlijden niet bewezen kon worden. De rechtbank oordeelde dat het bewijs niet overtuigend was dat verdachte het kind met kracht had geschud en sprak haar daarom vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Daarnaast werd vastgesteld dat verdachte tijdig medische hulp had ingeroepen toen de toestand van het kind verslechterde, waardoor ook het subsidiaire verwijt van nalatigheid niet bewezen werd. De rechtbank concludeerde dat verdachte niet wettig en overtuigend schuldig kon worden bevonden aan de ten laste gelegde feiten en sprak haar vrij.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van overtuigend bewijs dat zij het kind met kracht heeft geschud en nalatigheid in medische zorg.