ECLI:NL:RBZLY:2011:BR2574
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over eigendom en beheer van banksaldo tussen vader en meerderjarige zoon
De zaak betreft een conflict tussen een inmiddels meerderjarige zoon en zijn vader over de vraag wie de rechthebbende is van een banksaldo dat tijdens de minderjarigheid van de zoon door de vader werd gespaard op een bankrekening op naam van de zoon. De vader heeft het saldo vlak voor de meerderjarigheid van de zoon opgenomen.
De zoon kwam toevallig achter het bestaan van de rekening en eist het saldo exclusief rente op. De rechtbank stelt vast dat de rekening op naam van de zoon stond en dat de vader als wettelijk vertegenwoordiger bevoegd was tot beheer, maar dat dit niet automatisch betekent dat de vader ook rechthebbende was. De juridische vraag is of de overboekingen van de vader schenkingen waren waardoor de zoon rechthebbende werd, of dat de vader het saldo als eigen bezit bleef beschouwen.
De rechtbank oordeelt dat de tenaamstelling van de rekening niet doorslaggevend is voor de interne rechtsverhouding tussen vader en zoon. De vader mag het saldo niet zomaar toe-eigenen als de zoon rechthebbende is. De rechtbank wijst erop dat het saldo mogelijk niet bij de echtscheidingsverdeling is betrokken, wat kan duiden op eigendom van de zoon. De vader wordt toegelaten tot het leveren van tegenbewijs. De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor nadere uitlatingen, waarna verdere beslissing volgt.
Uitkomst: De rechtbank acht zoon vermoedelijk rechthebbende van het banksaldo en staat vader toe tegenbewijs te leveren; verdere beslissing wordt aangehouden.