ECLI:NL:RBZLY:2011:BR2950
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijheid van concurrentie ex-werknemer zonder concurrentiebeding niet onrechtmatig
De zaak betreft een geschil tussen een garagebedrijf en een voormalige werknemer die ontslag nam en een eigen garagebedrijf begon zonder concurrentie- of relatiebeding in het arbeidscontract. De werknemer stuurde een brief aan klanten van de voormalige werkgever om hen te informeren over zijn nieuwe bedrijf.
De voormalige werkgever vorderde een verklaring voor recht dat de werknemer onrechtmatig had gehandeld door klanten te benaderen en schadevergoeding te eisen wegens omzetdaling. De rechtbank stelde dat zonder concurrentiebeding een ex-werknemer in beginsel vrij is om te concurreren, tenzij wordt voldaan aan drie criteria: stelselmatig en substantieel afbreken van duurzaam bedrijfsdebiet met vertrouwelijke hulpmiddelen.
De rechtbank oordeelde dat de brief geen onrechtmatige concurrentie vormde en dat onvoldoende bewijs was geleverd dat de brief of het handelen van de werknemer de omzetdaling veroorzaakte. Ook was niet aannemelijk dat vertrouwelijke klantenlijsten werden gebruikt. De vorderingen werden daarom afgewezen en de voormalige werkgever werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de voormalige werkgever wegens onrechtmatige concurrentie worden afgewezen.