ECLI:NL:RBZLY:2011:BT8833
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L.E.C. van Rijckevorsel Besier
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen vrijstelling en bouwvergunning windturbine Zeewolde
Belanghebbende vroeg op 31 juli 2003 een bouwvergunning aan voor een windturbine met een ashoogte van 67 meter op een perceel in Zeewolde, gelegen in een agrarisch gebied. Hoewel het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan "Knardijkgebied" en het latere bestemmingsplan "Buitengebied", verleende het college van burgemeester en wethouders vrijstelling en bouwvergunning op grond van de vrijstellingsprocedure van artikel 19 WRO Pro, omdat het plan paste binnen het gemeentelijk en provinciaal beleid.
Eisers stelden dat de windturbine te dicht bij bestaande windmolenlijnen zou komen te staan, dat het aantal turbines het maximum zou overschrijden en dat er sprake zou zijn van windderving met inkomensverlies. De rechtbank oordeelde dat de vrijstelling terecht was verleend, mede op basis van het provinciale beleid en het onderzoek van ECN dat windderving van 0,7% acceptabel is. De vermeende overschrijding van het aantal turbines was niet van toepassing omdat het om verschillende windparken ging.
De rechtbank verwierp ook het bezwaar dat de mogelijke toekomstige opschaling van windturbines belemmerd zou worden, omdat dit een onzekere toekomstige situatie betreft. De ruimtelijke onderbouwing werd als voldoende beoordeeld. Het beroep van eisers werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de verleende vrijstelling en bouwvergunning voor de windturbine wordt ongegrond verklaard.