ECLI:NL:RBZLY:2011:BU1418
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- J.W.F. Houthoff
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot teruggave Chihuahua-pup wegens onduidelijk eigendom
Eiseres en gedaagde waren gezamenlijk bij een fokker om twee Chihuahua-pups op te halen, waarbij eiseres contant €700 per pup betaalde. Gedaagde verbleef bij eiseres en nam bij vertrek uit diens woning een van de pups mee. Eiseres vorderde via kort geding de teruggave van de pup, inclusief het paspoort en dwangsommen bij niet-naleving.
De kern van het geschil betrof het eigendom van de pup. Eiseres stelde dat zij beide pups voor zichzelf had gekocht, terwijl gedaagde betoogde dat zij geld aan eiseres had gegeven voor de aanschaf van een pup voor zichzelf. De rechtbank stelde vast dat gedaagde de pup onder zich heeft en op grond van de wet vermoed wordt rechthebbende te zijn, tenzij eiseres een beter recht kan aantonen.
De rechtbank oordeelde dat eiseres niet slaagde in het weerleggen van dit vermoeden. De verklaringen van partijen stonden lijnrecht tegenover elkaar en waren even goed onderbouwd. Ook de verklaring van de fokker bood geen doorslaggevende aanwijzing. Daarom werden de vorderingen van eiseres afgewezen. De proceskostenveroordeling werd aangehouden in afwachting van een beslissing van de Raad voor Rechtsbijstand over de toevoegingaanvraag van gedaagde.
Uitkomst: De vordering tot teruggave van de Chihuahua-pup wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van eigendom door eiseres.