ECLI:NL:RBZLY:2011:BU6068
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek herziening afkoopsom sociale verzekeringen na jurisprudentie CRvB
Eiseres, voormalig medewerker van het UWV, ontving in het kader van de overheveling van premieheffing sociale verzekeringen naar de Belastingdienst een afkoopsom die later werd gecorrigeerd. Na uitspraken van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) over de onjuiste berekening van deze afkoopsom, kreeg eiseres een eenmalige uitkering van € 500,- uit coulance toegekend. Eiseres maakte bezwaar tegen deze uitkering en verzocht om herziening van het eerdere besluit.
De rechtbank oordeelt dat het bezwaar tegen de eenmalige uitkering als een verzoek om terug te komen op het eerdere, rechtens onaantastbare besluit van 23 februari 2007 moet worden gezien. Jurisprudentie van de CRvB vormt echter geen nieuw feit of veranderde omstandigheid in de zin van artikel 4:6 Awb Pro, zodat herziening niet gerechtvaardigd is. De stelling van eiseres dat de voorafgaande feiten aan de uitspraak wel nieuw zouden zijn, wordt verworpen.
Verder is de rechtbank van oordeel dat de hoogte van de eenmalige uitkering uit coulance niet nader gemotiveerd hoeft te worden, omdat het een vrijwillige betaling betreft zonder wettelijke verplichting. Het bezwaar wordt ongegrond verklaard, maar verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de eenmalige uitkering wordt ongegrond verklaard en het verzoek om herziening van de afkoopsom afgewezen.