ECLI:NL:RBZLY:2012:BW1433
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kinderrechter in ondertoezichtstelling minderjarige
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. [A], kinderrechter in een zaak over ondertoezichtstelling van zijn minderjarige zoon. Verzoeker stelde dat de rechter partijdig was omdat hij het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming wilde meenemen in zijn oordeel, terwijl verzoeker tegen dat rapport een klacht had ingediend.
De rechtbank overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn en dat wraking alleen kan worden toegewezen bij concrete feiten die een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid opleveren. De kinderrechter had het dossier, inclusief het rapport en de klachtbrief, bestudeerd en tijdens de zitting actief geprobeerd de inhoudelijke bezwaren van verzoeker te achterhalen.
Omdat verzoeker geen concrete feiten kon aandragen die wijzen op vooringenomenheid en de rechter bereid was de opmerkingen van verzoeker te horen, concludeerde de rechtbank dat er geen grond was voor wraking. Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen. De beslissing is in het openbaar uitgesproken door drie rechters en is niet vatbaar voor beroep.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kinderrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan objectieve aanwijzingen voor partijdigheid.