ECLI:NL:RBZLY:2012:BW7812
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep militair tegen weigering verklaring van geen bezwaar door Minister van Defensie
Eiser, een militair, werd in 2008 veroordeeld voor belaging en mishandeling van zijn ex-vriendin. Ondanks deze veroordeling bleef hij werkzaam bij Defensie en werd hij later aangesteld in een burgerfunctie. In 2011 weigerde de Minister van Defensie een verklaring van geen bezwaar af te geven, noodzakelijk voor het vervullen van een vertrouwensfunctie, vanwege onvoldoende waarborgen dat eiser zijn plichten zou nakomen.
Eiser stelde dat hij gerechtvaardigd mocht vertrouwen op het behoud van zijn functie en dat zijn strafrechtelijk verleden hem niet zou worden tegengeworpen. Tevens voerde hij aan dat de belangenafweging onzorgvuldig was, omdat geen rekening was gehouden met zijn rehabilitatie, goede functioneren en persoonlijke omstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet gerechtvaardigd mocht vertrouwen op het verkrijgen van de verklaring van geen bezwaar, omdat geen ondubbelzinnige toezegging was gedaan. Wel stelde de rechtbank vast dat de Minister niet voldoende rekening had gehouden met de achtergronden van het strafbare feit, de tijd sinds de veroordeling, en de persoonlijke omstandigheden van eiser, zoals vereist door het eigen beleid (Beleidsregeling justitiële antecedenten).
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van de militair tegen de weigering van een verklaring van geen bezwaar wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd.