ECLI:NL:RBZLY:2012:BY1775
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gebruiksovereenkomst failliete stichting Haarhuus onterecht beëindigd door De Marken
De stichting gemeenschapshuis 't Haarhuus droeg haar pand aan De Marken over voor een symbolisch bedrag, met als compensatie het gebruik van een sportaccommodatie. De huurovereenkomst tussen De Marken en de aan Haarhuus verbonden horecagelegenheid Schalkhaar Horeca werd door de curator opgezegd, waarna De Marken ook de gebruiksovereenkomst met Haarhuus beëindigde.
De curator vorderde schadevergoeding wegens onrechtmatige beëindiging van de gebruiksovereenkomst. De Marken stelde dat de huurovereenkomst en gebruiksovereenkomst samenhingen en dat beëindiging van de huurovereenkomst ook de gebruiksovereenkomst rechtvaardigde, onder meer op grond van artikel 6:261 lid 2 BW Pro, artikel 6:279 BW Pro, samenhangende rechtsverhoudingen, onvoorziene omstandigheden en redelijkheid en billijkheid.
De rechtbank verwierp deze verweren. Er was geen sprake van een meerpartijenovereenkomst of zodanige samenhang tussen de overeenkomsten dat beëindiging van de huurovereenkomst ook beëindiging van de gebruiksovereenkomst rechtvaardigde. Ook het beroep op onvoorziene omstandigheden en redelijkheid en billijkheid faalde. De Marken was daardoor toerekenbaar tekortgeschoten door de gebruiksovereenkomst te beëindigen.
De rechtbank veroordeelde De Marken tot schadevergoeding aan Haarhuus en tot betaling van proceskosten, en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt De Marken tot schadevergoeding wegens onrechtmatige beëindiging van de gebruiksovereenkomst met Haarhuus.