ECLI:NL:RBZLY:2012:BY4147
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring bezwaarschrift tegen DNA-afname bij veroordeelde voor verduistering
De rechtbank Zwolle-Lelystad behandelde het bezwaarschrift van een veroordeelde die zich verzette tegen het bepalen en verwerken van haar DNA-profiel na een veroordeling wegens verduistering. De veroordeelde stelde dat DNA-onderzoek in haar zaak geen betekenis heeft voor de opsporing en berechting van strafbare feiten, mede gezien de aard van het misdrijf en haar persoonlijke omstandigheden.
De officier van justitie voerde aan dat de uitzonderingen op DNA-afname strikt moeten worden uitgelegd en dat geen reden bestond om af te zien van DNA-afname. De rechtbank oordeelde echter dat verduistering, waarbij geld dat per abuis op de bankrekening van de veroordeelde was gestort werd gebruikt, vergelijkbaar is met misdrijven die de wetgever expliciet heeft uitgezonderd van DNA-onderzoek.
Gezien het ontbreken van recidivegevaar en het feit dat DNA-onderzoek geen bijdrage kan leveren aan de opsporing van dit soort misdrijven, verklaarde de rechtbank het bezwaarschrift gegrond en beval de vernietiging van het afgenomen celmateriaal. De uitspraak bevestigt de beperkte reikwijdte van DNA-afname bij bepaalde misdrijven en bijzondere omstandigheden.
Uitkomst: Het bezwaarschrift tegen DNA-afname wordt gegrond verklaard en het afgenomen celmateriaal moet worden vernietigd.