ECLI:NL:RBZUT:2000:AA8240
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. van Duyvendijk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen mededeling huisvesting door COA
Eiseres, houdster van een voorwaardelijke vergunning tot verblijf, ontving een mededeling van het COA dat passende huisvesting werd aangeboden, gevolgd door een brief waarin deze aanbieding werd ingetrokken vanwege beleidswijzigingen. Eiseres maakte bezwaar tegen deze intrekking, maar het COA verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat de intrekkingsbrief geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat de mededeling van het COA geen publiekrechtelijke rechtshandeling is die rechtsgevolgen creëert, maar een feitelijke mededeling binnen de bemiddelende taak van het COA. Er ontstaan pas rechtsgevolgen bij het aangaan van een huurovereenkomst, niet bij de woningaanbieding of intrekking daarvan.
De rechtbank stelde vast dat de nadelige gevolgen voor eiseres feitelijk zijn en geen rechtsgevolgen in de zin van de Awb. Daarom is de mededeling van 9 augustus 1999 geen besluit en is het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Het beroep van eiseres werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de mededeling van het COA is niet-ontvankelijk verklaard omdat deze mededeling geen besluit in de zin van de Awb vormt.