ECLI:NL:RBZUT:2001:AA9537
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Beëindiging licentieovereenkomst en gebruik merkteken RAAD na faillissement
In deze kortgedingprocedure vordert de curator van het failliete RAAD Holding B.V. dat eiser zich onthoudt van het gebruik van het merk RAAD, omdat de licentieovereenkomst door het faillissement is geëindigd. Eiser is franchisenemer en had een licentieovereenkomst met RAAD Holding en diens dochtermaatschappijen.
De curator stelt dat het gebruik van het merk door eiser onrechtmatig is, nu de licentieovereenkomst is beëindigd door het faillissement en de curator inmiddels een exclusieve licentie aan een stichting heeft verleend. Eiser betwist dit en vordert in reconventie een sublicentie voor onbepaalde tijd.
De rechtbank oordeelt dat de curator bevoegd is op te treden en dat de vordering tot verbod van gebruik van het merk toewijsbaar is. Het verweer van eiser dat hij niet hoeft te betalen wegens betwiste vorderingen wordt verworpen. De vordering in conventie wordt toegewezen, de vordering in reconventie afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Eiser wordt bevolen het gebruik van het merk RAAD te staken binnen een maand en de vordering tot sublicentie wordt afgewezen.