ECLI:NL:RBZUT:2001:AB1432
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M.H. van Staveren
- M.C.J. Heessels
- M. Engelbert-Clarenbeek
- Rechtspraak.nl
Vonnis inzake courtagevordering en aansprakelijkheid voor fiscale schade bij onroerend goed verkoop
In deze civiele procedure stond de vordering van een makelaar (eiseres) tot betaling van courtage door haar opdrachtgever (gedaagde) centraal, alsmede de tegenvordering van de opdrachtgever wegens schade door gebrekkige fiscale voorlichting.
De makelaar had bemiddeld bij de verkoop van een onroerende zaak, waarbij de koper kon kiezen voor een met of zonder BTW belaste levering. Door onjuiste inschatting en onvoldoende advisering over de BTW-gevolgen ontstond een aanzienlijke belastingclaim voor de opdrachtgever. De levering vond later plaats dan overeengekomen, met boetes en proceskosten tot gevolg.
De rechtbank oordeelde dat de makelaar toerekenbaar tekortgeschoten was in haar voorlichtingsplicht, waardoor de opdrachtgever schade leed. De vordering tot betaling van courtage werd afgewezen omdat de opdrachtgever haar betaling opschortte en verrekende met de schade. De makelaar werd veroordeeld tot betaling van 75% van de omzetbelasting en wettelijke rente, terwijl de kosten van juridische bijstand deels werden toegewezen.
De uitspraak benadrukt de zorgplicht van makelaars bij fiscale advisering en de gevolgen van tekortkomingen daarbij voor de vergoeding van courtage en schade.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot betaling van courtage af en veroordeelt de makelaar tot vergoeding van 75% van de door de opdrachtgever geleden omzetbelasting en rente.