ECLI:NL:RBZUT:2002:AD9386
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering bankaansprakelijkheid wegens beleggingen en zorgplicht
Eiser verkocht in mei 1998 zijn vakantiewoning in Spanje en belegde via de bank het bedrag van circa ƒ 236.000 in aandelen, opties en futures. Hij stelt dat de bank tekort is geschoten in haar zorgplicht, onvoldoende heeft gewaarschuwd en hem zelfs heeft gestimuleerd onverantwoorde beleggingsbeslissingen te nemen. Eiser vordert vergoeding van zijn verlies minus 25% eigen aandeel.
De bank betwist aansprakelijkheid en stelt dat zij slechts uitvoerder was van de opdrachten, regelmatig waarschuwde voor risico's en dat eiser zelf deskundig was en het initiatief nam tot transacties. De rechtbank onderzoekt de zorgplicht van de bank, de deskundigheid van eiser, de mate van informatievoorziening en het bijhouden van marginverplichtingen.
De rechtbank concludeert dat eiser niet als deskundige kon worden beschouwd, maar dat hij zelf het initiatief nam en de bank hem herhaaldelijk waarschuwde. De bank heeft marginverplichtingen adequaat bijgehouden en er is geen sprake van margintekorten die tot schade leidden. De bank was niet verplicht om transacties te weigeren of eiser tegen zichzelf te beschermen.
De vordering wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak benadrukt dat de primaire verantwoordelijkheid voor beleggingsbeslissingen bij de belegger ligt en dat de bank niet aansprakelijk is voor de verliezen die voortvloeien uit de door eiser genomen risico's.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van eiser af en veroordeelt hem in de proceskosten.