ECLI:NL:RBZUT:2002:AE0111
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- D. Vergunst
- M.F.J.N. van Osch
- R. Prakke-Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige belemmering apothekersvestiging en aansprakelijkheid huisartsen
De zaak betreft een geschil tussen een apotheker (eiser) en een groep huisartsen (gedaagde 1 c.s.) in een gemeente waar de apotheker zich wilde vestigen. De huisartsen beschikten over vergunningen voor apotheekhouderschap, die na diverse procedures en het overlijden van een huisarts werden ingetrokken. Eiser stelde dat de huisartsen onrechtmatig hadden gehandeld door hem geen medewerking te verlenen, onjuiste informatie te verstrekken, en de komst van een andere apotheker te faciliteren.
De rechtbank stelde vast dat de geneesmiddelenvoorziening primair door een apotheker dient te geschieden en dat de huisartsen rekening moesten houden met de komst van een apotheker. De huisartsen hadden geweigerd met eiser te overleggen en hadden via diverse acties, waaronder het verspreiden van brieven en het ophalen van antwoordformulieren bij patiënten, de komst van een andere apotheker bevorderd. Dit werd als onrechtmatig beoordeeld.
De vergunningen van de huisartsen vervielen op 1 januari 1999, en de schade voor eiser werd vanaf die datum en vanaf 1 oktober 1997 voor de erven van de overleden huisarts vastgesteld. De rechtbank oordeelde dat de huisartsen hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schade van eiser en wees verdere beslissingen aan. Het beroep op artikel 7:453 BW Pro werd verworpen omdat de huisartsen niet conform de professionele standaard hadden gehandeld.
Uitkomst: De huisartsen zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schade van eiser wegens onrechtmatig handelen en de zaak wordt aangehouden voor nadere schadestaat.