ECLI:NL:RBZUT:2002:AE1665
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- G. Vrieze
- Rechtspraak.nl
Verevening pensioenrechten na echtscheiding bij buitenlandse pensioenregeling
Partijen zijn in 1968 gehuwd en in 2000 gescheiden. De ex-echtgenoot werkte sinds 1984 bij NAMSA in Luxemburg en bouwde daar pensioenrechten op. Na beëindiging van zijn werkzaamheden ontving hij een ouderdomspensioen. Eiseres vordert verevening van deze pensioenrechten.
De ex-echtgenoot betoogt dat het pensioen een 'early retirement pension' is, vergelijkbaar met een VUT-regeling, en niet voor verevening vatbaar. De rechtbank oordeelt dat het pensioen wel degelijk een ouderdomspensioen is in de zin van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding, omdat het pensioen vanaf 50 jaar wordt opgebouwd en vanaf 60 jaar volledig wordt uitgekeerd.
De rechtbank wijst het verweer af dat rekening gehouden moet worden met de hogere levensstandaard in Luxemburg en bevestigt dat pensioenverevening plaatsvindt volgens de Nederlandse wet, waarbij ieder de helft krijgt. De voorzieningenrechter veroordeelt de ex-echtgenoot tot medewerking aan het verkrijgen van pensioeninformatie en tot betaling van de helft van de pensioenuitkeringen vanaf 1 augustus 2001.
Uitkomst: De ex-echtgenoot is veroordeeld tot medewerking aan pensioenverevening en betaling van de helft van de pensioenuitkeringen vanaf 1 augustus 2001.