ECLI:NL:RBZUT:2002:AF3874
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C.M. Boon
- Rechtspraak.nl
Toepassing Wet VPS op pensioenvoorziening directeur-grootaandeelhouder bij echtscheiding
Partijen zijn in 1968 gehuwd en gingen in 1997 feitelijk uit elkaar. Tijdens de echtscheidingsprocedure is vastgesteld dat pensioenvoorzieningen wettelijk verevend zouden worden volgens de Wet VPS. De vrouw ontdekte dat een lijfrentepolis niet was verdeeld en dat de pensioenvoorziening in eigen beheer door de man was opgeheven na de echtscheiding.
De rechtbank oordeelt dat de Wet VPS van toepassing is op de pensioenvoorziening in eigen beheer, ondanks de opheffing tijdens de procedure. De man mocht niet eenzijdig de pensioenvoorziening wijzigen zonder de vrouw daarvan op de hoogte te stellen. De vrouw heeft recht op verevening en compensatie van haar deel van de pensioenvoorziening.
De rechtbank veroordeelt de man tot medewerking aan de splitsing van de lijfrentepolis en tot afstorting van een bedrag van EUR 32.237,68 bij een door de vrouw aan te wijzen verzekeraar. De proceskosten worden ieder voor eigen rekening gedragen.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot medewerking aan de splitsing van de lijfrentepolis en tot afstorting van EUR 32.237,68 aan de vrouw.