ECLI:NL:RBZUT:2003:AF6833
Rechtbank Zutphen
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzet tegen uitspraak inzake ziekengeld en loondoorbetaling
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om een besluit van 21 augustus 2002 waarbij aan een werkneemster geen recht op ziekengeld werd toegekend vanwege haar recht op loondoorbetaling door de werkgever. De werkneemster maakte bezwaar tegen dit besluit, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde de werkgever, namens de werkneemster, beroep in tegen het besluit op bezwaar. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat de werkgever niet zelf bezwaar had gemaakt tegen het oorspronkelijke besluit.
De werkgever deed daarop verzet tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. De rechtbank overwoog dat de werkgever als belanghebbende redelijkerwijs verweten kan worden dat zij geen bezwaar heeft gemaakt tegen het oorspronkelijke besluit, en dat dit nalaten niet is gerechtvaardigd door feiten of omstandigheden. Daarom is het verzet naar analogie van artikel 6:13 Awb Pro niet-ontvankelijk.
De rechtbank benadrukte dat het verzet alleen namens de werkgever was ingesteld, niet mede namens de werkneemster, ondanks verzoeken daartoe. De uitspraak werd in het openbaar uitgesproken op 27 maart 2003 door rechter N.C. van Lookeren Campagne.
Uitkomst: Het verzet van de werkgever tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep is niet-ontvankelijk verklaard.