ECLI:NL:RBZUT:2003:AF9780
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C.M. Boon
- Rechtspraak.nl
Verdeling gemeenschappelijke goederen en trustrechten bij echtscheiding
De rechtbank Zutphen behandelde een geschil tussen partijen over de verdeling van gemeenschappelijke goederen en trustrechten in het kader van hun echtscheiding. Centraal stond de vraag of een specifieke overeenkomst van 17 mei 1999, die afweek van de huwelijkse voorwaarden, rechtsgeldig was en hoe de verdeling van de woning, trustrechten, leningen en inboedel moest plaatsvinden.
De rechtbank erkende de trust als eigenaar van de woning en oordeelde dat de trustrechten verdeeld moesten worden alsof partijen in gemeenschap van goederen gehuwd waren, tenzij sprake was van aanbrengsten, schenking of erfrecht. De overeenkomst van 17 mei 1999 werd niet als strijdig met de huwelijkse voorwaarden gezien en ook niet als wijziging daarvan. De rechtbank stelde vast dat partijen ieder voor de helft gerechtigd zijn tot de trustrechten en de schulden.
De woning dient getaxeerd te worden en aan de vrouw te koop te worden aangeboden, met een regeling voor verkoop via een notaris indien zij niet tot koop overgaat. De schulden aan de trust en het flexibel krediet worden bij helfte verdeeld, waarbij de man aan de vrouw een bedrag verschuldigd is wegens aflossingen uit haar privévermogen. De rechtbank wees het verzoek tot verdeling van de inboedel af wegens onvoldoende onderbouwing door de man.
De rechtbank benoemde een notaris als vertegenwoordiger van de man voor uitvoering van de verdeling indien deze niet meewerkt, compenseerde de proceskosten dat ieder zijn eigen kosten draagt, en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank bepaalt dat de trustrechten en woning gelijk verdeeld worden en benoemt een notaris voor uitvoering bij gebrek aan medewerking.