ECLI:NL:RBZUT:2003:AF9897
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Harreveld
- De Geer
- Collenteur
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens gebrek aan overtuigend bewijs in moordzaak Shell-tankstation Warnsveld
De rechtbank Zutphen behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van betrokkenheid bij de moord op een medewerkster van een Shell-tankstation te Warnsveld op of omstreeks 24 oktober 1985. Verdachte werd ervan beschuldigd samen met anderen met geweld en bedreiging sleutels en geld te willen bemachtigen, waarbij het slachtoffer werd gedood door steken met een mes.
De tenlastelegging omvatte mede het medeplegen van doodslag en het plegen van diefstal met geweld. Verdachte ontkende vanaf het begin zijn betrokkenheid. Cruciale belastende verklaringen van medeverdachten werden in het onderzoek afgelegd maar later weer ingetrokken, waardoor de bewijslast vooral bestond uit verklaringen die onderling niet consistent waren.
De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van technisch bewijs, het lange tijdsverloop van ruim 17 jaar, en de invloed van media-aandacht op verklaringen extra voorzichtigheid vereisten. De verklaringen waren niet eenduidig en deels onverenigbaar, mede door animositeiten binnen de groep verdachten. De rechtbank kon niet met voldoende zekerheid vaststellen dat verdachte schuldig was aan de tenlastelegging.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten en hechtte geen waarde aan de belastende verklaringen die onder druk zouden zijn verkregen. Tevens werd het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis afgewezen. Mr. De Geer kon het vonnis niet medeondertekenen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende overtuigend bewijs en het bevel tot voorlopige hechtenis wordt opgeheven.