ECLI:NL:RBZUT:2003:AG6117
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzet tegen verstekvonnis omgangsregeling en contactverbod
Partijen zijn gescheiden en er is een omgangsregeling vastgesteld voor de kinderen van partijen. De opposant, heer A, is veroordeeld tot een contactverbod en afstandsgebod rondom de woning van mevrouw B en haar kinderen. Tegen dit vonnis is geen hoger beroep ingesteld, waardoor het in kracht van gewijsde is gegaan.
Heer A heeft vervolgens verzet willen instellen tegen het verstekvonnis door middel van twee exploten, waarvan één niet tijdig bij het hof is ingediend en de ander niet als herstelexploot kan worden gekwalificeerd. De voorzieningenrechter oordeelt dat de exploten als zelfstandige dagvaardingen moeten worden gezien en dat de wettelijke termijn voor verzet is overschreden.
De voorzieningenrechter wijst het verzet af en verklaart heer A niet-ontvankelijk in zijn eis in reconventie tot hervatting van de omgang. Tevens wordt hij veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verklaart de opposant niet-ontvankelijk in zijn verzet en wijst de eis in reconventie af.