ECLI:NL:RBZUT:2004:AO2854
Rechtbank Zutphen
- Voorlopige voorziening
- K. van Duyvendijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen beëindiging bewoning bedrijfspand
Verzoeker exploiteert een bedrijf op een perceel dat volgens het bestemmingsplan is bestemd als bedrijventerrein. Een deel van het bedrijfspand wordt door verzoeker bewoond, maar het perceel is niet aangeduid als locatie voor dienstwoningen en er is geen vrijstelling verleend.
Verzoeker betoogt dat bewoning noodzakelijk is voor toezicht en dat de bouwvoorschriften ondergeschikt zijn aan de bestemmingsbepalingen. De voorzieningenrechter oordeelt echter dat bewoning strijdig is met het bestemmingsplan, dat een conserverend karakter heeft en alleen bestaande dienstwoningen en enkele vrijgestelde locaties toestaat.
Er zijn geen bijzondere omstandigheden die handhaving tegen bewoning rechtvaardigen om te laten, ook niet de inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie. De voorzieningenrechter concludeert dat het bestreden besluit in bezwaar kan worden gehandhaafd en dat er geen aanleiding is voor een voorlopige voorziening.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen en het besluit tot beëindiging van de bewoning blijft in stand.