ECLI:NL:RBZUT:2004:AO5708
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- De Bie
- Van Harreveld
- Hemrica
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging tot doodslag, veroordeling poging tot zware mishandeling met deels onvoorwaardelijke gevangenisstraf
Op 27 oktober 2003 stak verdachte in de gemeente Apeldoorn een persoon met een mes in de rug. De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat sprake was van poging tot doodslag vanwege onvoldoende gegevens over het mes en de steekwijze. Wel werd bewezen verklaard dat sprake was van poging tot zware mishandeling.
De rechtbank hield rekening met eerdere veroordelingen van verdachte voor geweldsdelicten en legde daarom een deels voorwaardelijke gevangenisstraf op van 10 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Daarnaast werd een werkstraf van 120 uur opgelegd met een vervangende hechtenis van 60 dagen bij niet-naleving.
De benadeelde partij vorderde schadevergoeding, waarvan €150 aan immateriële schade werd toegewezen. Materiële schade werd niet toegewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Verdachte werd verplicht een bedrag van €150 aan de Staat te betalen ten behoeve van het slachtoffer.
De rechtbank bepaalde dat de tijd in voorlopige hechtenis in mindering wordt gebracht op de straf en stelde bijzondere voorwaarden voor ambulante behandeling en naleving van aanwijzingen van de reclassering. De uitspraak werd gedaan op 17 februari 2004 door de meervoudige kamer van de Rechtbank Zutphen.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van poging tot doodslag en veroordeeld tot 10 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk voor poging tot zware mishandeling.