ECLI:NL:RBZUT:2004:AR1502
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Hemrica
- De Bie
- Weijers-van der Marck
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bijstandsfraude en heling met voorwaardelijke gevangenisstraf en werkstraf
De rechtbank Zutphen heeft op 7 september 2004 uitspraak gedaan in een zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van bijstandsfraude en heling van diverse goederen. De feiten betreffen de periode van 1 december 2001 tot en met 31 mei 2003, waarin verdachte opzettelijk heeft nagelaten belangrijke gegevens te verstrekken aan de gemeente Apeldoorn, zoals het niet melden van haar woonsituatie. Dit had tot gevolg dat zij onterecht bijstand ontving.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte bewust in strijd met de Algemene bijstandswet heeft gehandeld, met het oog op bevoordeling van zichzelf en/of anderen. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 2 maanden, waarvan de uitvoering werd opgeschort onder een proeftijd van twee jaar. Daarnaast werd een werkstraf van 140 uren opgelegd, met een vervangende hechtenis van 70 dagen bij niet-nakoming.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van de fraude, de duur van de gedragingen en de nadelige gevolgen voor de sociale voorzieningen en de gemeente. Tegelijkertijd werd rekening gehouden met het feit dat verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten was veroordeeld en met haar gezondheidssituatie. Het meer of anders ten laste gelegde werd vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 2 maanden gevangenisstraf voorwaardelijk en een werkstraf van 140 uren wegens bijstandsfraude.