ECLI:NL:RBZUT:2004:AR3601
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Ontruiming woonhuis wegens ontbreken huurovereenkomst en geen recht op vergoeding investeringen
De gemeente Nunspeet vordert ontruiming van een woonhuis dat [gedaagde] sinds december 2003 bewoont. Tussen partijen is nooit een geldige koop- of huurovereenkomst tot stand gekomen. Hoewel er onderhandelingen en conceptovereenkomsten waren, heeft [gedaagde] de koopovereenkomst niet ondertekend en heeft zij in mei 2004 laten weten niet te willen kopen.
De rechtbank stelt vast dat [gedaagde] het woonhuis zonder recht of titel bewoont. Zij heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij zich heeft verbonden tot een tegenprestatie voor het gebruik van het pand, zodat geen huurovereenkomst bestaat. De gemeente heeft een spoedeisend belang bij ontruiming vanwege de voortdurende vermogensaantasting.
Daarnaast vordert [gedaagde] een voorschot van €135.000,-- voor investeringen in het woonhuis. De rechtbank oordeelt dat zij onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de gemeente zich heeft verbonden tot vergoeding of dat de gemeente ongerechtvaardigd is verrijkt. Ook de vordering voor vergoeding van grasmaaikosten wordt afgewezen wegens gebrek aan specificatie.
De voorzieningenrechter veroordeelt [gedaagde] tot ontruiming binnen acht dagen en tot betaling van proceskosten. De vorderingen in reconventie worden afgewezen en [gedaagde] wordt eveneens veroordeeld in de kosten.
Uitkomst: De voorzieningenrechter veroordeelt [gedaagde] tot ontruiming van het woonhuis binnen acht dagen en wijst de vordering tot voorschot op vergoeding van investeringen af.