ECLI:NL:RBZUT:2005:AS8559
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Apeldoorn
- Van Harreveld
- Van der Hooft
- Rechtspraak.nl
Deels voorwaardelijke gevangenisstraf voor gedwongen prostitutie van jonge kwetsbare vrouwen
De rechtbank Zutphen heeft op 2 maart 2005 uitspraak gedaan in een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van het gedwongen in prostitutie brengen van jonge en kwetsbare vrouwen, ook wel bekend als de loverboypraktijk.
Uit het onderzoek bleek dat verdachte in de periode van september 2003 tot juli 2004 samen met anderen, of alleen, slachtoffers door geweld, bedreiging en misbruik van feitelijke verhoudingen heeft gedwongen zich beschikbaar te stellen voor seksuele handelingen tegen betaling. De slachtoffers werden herhaaldelijk mishandeld, bedreigd met wapens, geïsoleerd van familie en hulpverleners, opgesloten en financieel afhankelijk gemaakt.
Verdachte voerde aan dat hij onder druk stond van een medeverdachte en daardoor handelde uit overmacht, maar dit verweer werd door de rechtbank verworpen. De rechtbank oordeelde dat verdachte vrijwillig zijn vriendin in contact bracht met de medeverdachte en actief betrokken was bij het in de prostitutie brengen van de slachtoffers.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. De straf weerspiegelt de ernst van de feiten, het misbruik van vertrouwen en het gebruik van geweld om de slachtoffers in de prostitutie te houden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.