ECLI:NL:RBZUT:2005:AU5231
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. Vrieze
- Rechtspraak.nl
Nakoming franchiseovereenkomst en geschil over Risicofonds en ontbinding
De zaak betreft een geschil tussen VBA en haar franchisenemers over de nakoming van franchiseovereenkomsten en het beheer van het Risicofonds. VBA vordert dat de franchisenemers hun contracten voortzetten totdat deze rechtsgeldig zijn beëindigd, met dwangsommen bij niet-nakoming. De franchisenemers vorderen onder meer betaling van gelden uit het Risicofonds en voorschotten wegens vermeende schade.
De rechtbank stelt vast dat VBA en de franchisenemers individuele franchiseovereenkomsten hebben met een looptijd van vijf jaar, verlengd tot 2009-2010. De franchisenemers stelden VBA in gebreke wegens onder meer te weinig aangeleverde leads, onvoldoende marketing, schending van exclusiviteitsrechten en het niet storten van gelden in het Risicofonds. VBA betwist toerekenbare tekortkomingen en stelt dat de franchisenemers onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat de ontbinding gerechtvaardigd is.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de franchisenemers onvoldoende bewijs hebben geleverd voor hun ontbindingsgronden, zoals te weinig leads, tekortschietende marketing, inbreuk op exclusiviteit, oversluiten, en kwaliteitsgebreken. Ook het ontbreken van een definitieve reservering in het Risicofonds wordt erkend, maar de tijdelijke bankgarantie biedt voldoende zekerheid. De vorderingen van VBA worden toegewezen, de ontbindingsverzoeken afgewezen, en de franchisenemers worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt franchisenemers tot voortzetting van de franchiseovereenkomsten en wijst hun ontbindingsverzoeken af.