ECLI:NL:RBZUT:2006:AV1946
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Lagarde
- Borgerhoff Mulder
- Elders
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke gevangenisstraf en werkstraf voor bezit illegaal consumentenvuurwerk
Op 3 november 2004 werd verdachte in de gemeente Putten betrapt op het bezit van diverse soorten consumentenvuurwerk, waaronder fonteinen, rotjes, strijkers, Chinese rollen, flowerbeds, Romeinse kaarsen, een ratelband, vuurpijlen en zonnewielen. Dit vuurwerk voldeed niet aan de wettelijke eisen zoals gesteld in het Vuurwerkbesluit en de Wet milieugevaarlijke stoffen, omdat het niet voorzien was van de aanduiding 'Geschikt voor particulier gebruik' en/of een gebruiksaanwijzing met voldoende veiligheidswaarschuwingen.
De rechtbank oordeelde dat het wettig en overtuigend bewezen was dat verdachte het vuurwerk opzettelijk in bezit had, waarmee hij de wet overtrad. Gezien de ernst van het feit, het grote aantal en de kracht van het vuurwerk, en de risico's voor zowel gebruiker als omstanders, werd een straf passend geacht. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 2 maanden, die voorwaardelijk werd opgelegd met een proeftijd van 2 jaar, en een werkstraf van 240 uur. Bij niet-naleving van de werkstraf geldt vervangende hechtenis van 120 dagen.
De rechtbank sprak verdachte vrij van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden. De strafoplegging vond plaats in aanwezigheid van de rechters Lagarde, Borgerhoff Mulder en Elders, en griffier Jansen, op 15 februari 2006.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 2 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en 240 uur werkstraf wegens bezit van illegaal consumentenvuurwerk.