ECLI:NL:RBZUT:2006:AY6628
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Gemeente Voorst verplicht bouwkavel aan eerst gegadigde te leveren onder gelijkwaardige voorwaarden
In deze zaak vordert eiser dat de gemeente Voorst wordt verplicht om een bouwkavel te leveren die hij als tweede reserve had toegewezen gekregen na loting. De gemeente had aanvankelijk geweigerd de koopovereenkomst te accepteren omdat zij meende dat eiser niet voldeed aan de zelfbewoningscriteria. Later herzag de gemeente haar standpunt en bood een nieuwe koopovereenkomst aan met een aangepast antispeculatiebeding en een hogere boete.
De rechtbank oordeelt dat de koopovereenkomst door het college van Burgemeester en Wethouders was ontbonden vanwege het onthouden van goedkeuring, waardoor nakoming van de oorspronkelijke overeenkomst niet mogelijk was. Wel stond vast dat eiser nu aan de zelfbewoningscriteria voldeed en als eerst gerechtigde aanspraak maakte op de kavel.
De rechtbank stelt vast dat de gemeente gerechtvaardigd was het antispeculatiebeding aan te passen wegens een arrest van de Hoge Raad dat het oude beding nietig verklaarde. De gemeente handelde echter in strijd met het vertrouwensbeginsel door een hogere boete van 50% te stellen dan de 15% die in de informatiebrochure stond en die ook aan andere kopers werd opgelegd.
Daarom wordt de gemeente veroordeeld om binnen twee dagen een koopovereenkomst te leveren met het boetepercentage van 15%. De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen omdat eiser geen relevante schade heeft gesteld en de gemeente haar medewerking dient te verlenen. De gemeente wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De gemeente Voorst wordt veroordeeld om de bouwkavel aan eiser te leveren onder een koopovereenkomst met een boete van 15%.