ECLI:NL:RBZUT:2006:AY6926
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th. C. M. Willemse
- Rechtspraak.nl
Erfgenamen aansprakelijk voor verduistering door overleden penningmeester van hondensportvereniging
De hondensportvereniging stelde dat haar overleden penningmeester gedurende de periode van 26 maart 2000 tot 19 februari 2005 aanzienlijke bedragen uit de kas had ontvangen die niet waren gestort op de bankrekening van de vereniging. De vereniging vorderde van de erfgenamen van de penningmeester vergoeding van het tekort, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten.
De erfgenamen betwistten de vordering en voerden onder meer aan dat de penningmeester contante uitgaven ten behoeve van de vereniging had gedaan en dat de vereniging onvoldoende controle had uitgeoefend. De rechtbank liet de vereniging toe bewijs te leveren, waaronder getuigenverklaringen van de kantinebeheerder en andere leden, die bevestigden dat de kasgelden aan de penningmeester waren overhandigd en dat hij geen zelfstandige toegang tot de kas had.
De rechtbank concludeerde dat de penningmeester de gelden niet volledig op de bankrekening had gestort en dat dit niet was komen vast te staan als verduistering met opzet tot privégebruik, maar wel als ernstige nalatigheid. Op grond van artikel 2:9 BW Pro werd de penningmeester aansprakelijk gehouden voor de geleden schade, welke aansprakelijkheid overging op zijn erfgenamen. De vordering werd toegewezen tot een bedrag van €18.824,27, vermeerderd met rente, beslagkosten en proceskosten. Andere vorderingen werden afgewezen.
Uitkomst: De erfgenamen worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van €18.824,27 wegens verduistering door de overleden penningmeester.